Veilig en stabiel met ESP

Veilig en stabiel met ESP

Dankzij moderne technologie wordt het steeds moeilijker om je auto in de prak te rijden. Een grote bijdrage aan deze toename van veiligheid levert het ESP, kort voor Electronic Stability Program. Waar veiligheidsgordels en airbags gericht zijn op het verminderen van de ernst van letsel bij verkeersongevallen, is ESP een van de eerste en meest effectieve veiligheidssystemen ter voorkoming van de ongevallen zelf. Wat is ESP in een auto en hoe werkt het? Dit artikel maakt je wijzer over het Electronic Stability Program.

ESP: wat is het?

Het elektronisch stabiliteitsprogramma wordt sinds 2014 in elke nieuwe auto in Europa ingebouwd. Het is bewezen dat het reeds tal van levens heeft gered bij wegongevallen. Brits onderzoek heeft uitgewezen dat de kansen om bij een fataal ongeluk betrokken te raken, met ESP met 25% wordt teruggedrongen.

Het systeem is ontwikkeld om de stabiliteit van een voertuig te verbeteren door de detectie van het verlies van grip op de weg, hetgeen voorkomt dat banden oncontroleerbaar gaan slippen. Zodra het ESP-systeem merkt dat de bestuurder de controle over het stuur dreigt te verliezen, zet het automatisch individuele remmen in werking om ervoor te zorgen dat het voertuig in de richting blijft rijden, die de bestuurder aangeeft.

ESP heet niet in elke auto hetzelfde. Het staat ook bekend als ESC (Electronic Stability Control), of VDC (Vehicle Dynamic control), dan wel VSA (Vehicle Stability Assist), maar het gaat om hetzelfde principe en dezelfde technologie.

Hoe werkt ESP?

Hoe werkt ESP

Veel ongevallen zijn het resultaat van een verlies van controle bij het te snel nemen van een bocht of een noodzaak om snel te remmen in slechte weersomstandigheden. Voor de meeste chauffeurs is het moeilijk om uit een slip of spin te raken zonder het gebruik van veiligheidstechnologie zoals ESP.

Het systeem omvat een aantal technologieën die samenwerken om de auto veilig op de weg te houden. De voornaamste systemen zijn het ABS en de ASR (Antiblokkeersysteem en Antislipregeling).

Terwijl je stuurt, optrekt en remt, tekenen tal van sensoren het gedrag van de auto op en zenden gegevens naar de boordcomputer. Deze vergelijkt vervolgens wat je op dat moment doet met hoe de auto daarop reageert. Wanneer je bijvoorbeeld scherp naar links of rechts stuurt, maar de auto blijft rechtdoor gaan (omdat bijvoorbeeld de weg nat of beijzeld is), kan de computer dit herkennen en de systemen de opdracht geven in te grijpen. Individuele remmen worden dan in werking gezet aan elk wiel om te compenseren en de auto in een stabielere toestand te brengen. De technologie heeft een sneller reactievermogen dan een mens en is derhalve zo effectief bij het vermijden van slippen, noodremmen en ongevallen. Zo kan in geval van onderstuur ESP het “binnenste” achterwiel vertragen. Tegelijkertijd verlaagt het programma het motorvermogen totdat de auto weer stabiel is.

Elektronisch Stabiliteitsprogramma vs Antislipregeling

Een aantal automobilisten geloven onterecht dat het ESP hetzelfde is als antislipregeling of dat je het een, dan wel het ander kunt hebben in een auto. De grote meerderheid van auto’s hebben zowel ESP als ASR. Omwille van hun rol bij het veilig houden van je auto, wordt antislipregeling tegenwoordig beschouwd als een secundaire functie van stabiliteitscontrole. Terwijl ASR op één doel gericht is, beheert ESP tegelijkertijd een aantal systemen om autobestuurders veilig te houden tijdens riskante wegsituaties en omstandigheden.