Hoe je een turbolader kunt inspecteren

Hoe je een turbolader kunt inspecteren

 Turbo-inspectie: 8 simpele stappen 
  1. Beluister de motor zolang die nog koud is.

    Als u een gezoem hoort vanuit de turbine wanneer deze draait, zijn de lagers wellicht versleten. Een metaalachtig gekras, dat veroorzaakt wordt door de waaierschoepen die in aanraking komen met het turbinehuis, duidt op hetzelfde defect.

  2. Ga na of er olieafzetting op het turbinehuis te zien is.

    Als dit nabij het turbinewiel aangetroffen wordt, is uw turbolader wellicht defect. Maar als er olievlekken op de verbinding met het uitlaatspruitstuk of in de luchttoevoer te zien zijn, kan er iets mis zijn met de motor of de carterventilatie.

  3. Controleer de kleur van het uitlaatgas.

    Als de turbo versleten is, sijpelt de olie samen met de lucht in het inlaatspruitstuk, om vervolgens in de verbrandingskamers van de motor verbrand te worden. Hierdoor kleuren de uitlaatgassen zwart.

  4. Scan het systeem met een speciaal apparaat.

    Om de diagnose uit te voeren, heb je een adapter, bijbehorende software en een laptop of smartphone nodig. Alle metingen worden verricht terwijl de motor stationair draait. Je vindt nadere informatie over deze diagnosemethode in de gebruikshandleiding van uw diagnoseadapter.

  5. Demonteer de turbolader en controleer de as op speling.

    Houd de as aan één uiteinde vast en probeer hem kalmpjes heen en weer te slingeren. De speling van het onderdeel dient hoogstens 1 mm te bedragen. De as mag niet langs het turbinehuis heen bewegen.

  6. Inspecteer de waaierschoepen en de wanden van de turbolader.

    Eerstgenoemden moeten scherpe en soepele randen hebben zonder bramen, schuring en inkepingen. Laatstgenoemden mogen geen sporen van aanraking met de schoepen vertonen.

  7. Zorg dat de actuator en de sensoren degelijk werken.

    Er dienen geen deukjes in de actuator en geen roestvlekken op de bovenkant van de stang te zitten. Ga na of het diafragma nog intact is. Til de stang in de hoogste stand, dek de opening af met je vinger en laat hem dan weer los. De stang dient niet te bewegen zolang de opening dicht is. Zodra je hem loslaat, dient de stang terug te schieten in zijn oorspronkelijke stand. Inspecteer het elektrische gedeelte van de actuator met een multimeter.

  8. Als je een turbolader met variabele geometrie hebt, controleer dan of de schoepenring niet vastzit.

    De schoepen dienen ongehinderd te kunnen bewegen. Diagnosticeer het samenstel met behulp van een luchtcompressor en een manometer. Als de schoepenring intact is, zal de actuator vrij bewegen met een drukpeil van rond de 0,6 tot 0,7 bar.

[Totaal: 0   Average: 0/5]